Het is handig als kinderen als van jongs af aan leren om hun kamer of hun speelgoed in de woonkamer op te ruimen. Het opruimen en ordenen van spullen stimuleert de verantwoordelijkheid en bedachtzaamheid, en dat kan een positieve invloed hebben op andere aspecten in het leven.

Kinderen die hun zaken op orde hebben, zijn onafhankelijker en over het algemeen ook rustiger. Ze weten wat ze nodig hebben en waar ze het kunnen vinden. Kinderen leren organiseren heeft dus vele voordelen! Maar hoe krijg je je kinderen zo ver?

Tips voor kinderen leren organiseren

Hieronder volgen drie tips om zowel jonge als wat oudere kinderen te leren om hun spullen te ordenen en op te ruimen.

Tip 1: meehelpen opruimen

Kleine kinderen

Betrek jonge kinderen bij het opruimen van hun speelgoed en doe dit dus niet in je eentje als je kind al naar bed is.

Maak het opruimen leuk door er bijvoorbeeld een spel van te maken: wie heeft het eerst een bepaald deel van de kamer opgeruimd? Wie legt het speelgoed het snelst in de kast of in de speelgoedkist? Door het gebruik van een stopwatch maak je er een echte wedstrijd van!

Kinderen leren organiseren op jonge leeftijd, betekent dat je ze aanleert dat het opruimen er dagelijks bij hoort. Je zult merken dat je kind over enkele jaren bijna op de automatische piloot opruimt. Het is dan immers een ritueel geworden dat er al sinds jaar en dag in zit!

Oudere kinderen

Leer wat oudere kinderen een routine aan, waardoor ze – in elk geval deels – als vanzelf meehelpen met opruimen. Bijvoorbeeld: als je thuiskomt van school, zet je je schoenen bij de mat in de gang, hang je je jas aan de kapstok en zet je je schooltas in een hoek van de woonkamer. Zo gebeuren er al ‘automatisch’ drie dingen.

Uiteraard kun je dit op meerdere gebieden uitbreiden, zoals na het eten standaard je bord op het aanrecht zetten – zodat iedereen zijn eigen spullen wegzet. En bij het avondeten kun je keuzes geven: of je helpt mee om de tafel te dekken, of je verzorgt het afruimen, of je vult de vaatwasser als alles in de keuken staat.

Tip 2: leren omgaan met tijd

Kleine kinderen

Peuters hebben geen besef van tijd, maar er is een manier waarop ze wél een idee krijgen van wat er van ze verwacht wordt. Geef aan peuters aan wat er, in welke volgorde gaat gebeuren.

Bijvoorbeeld: eerst voetballen, dan lezen en daarna lunch. Of: je gaat eerst in bad, daarna lezen we een boekje op bed en vervolgens ga je slapen.

Door kleine kinderen een routine te leren, zoals in bovengenoemde voorbeelden, weten ze waar ze aan toe zijn en dat ze aan meerdere opeenvolgende activiteiten zullen deelnemen. Als de kinderen ouder zijn, komt het tijdsbesef er vanzelf bij.
En dankzij de aangeleerde routines op jonge leeftijd is de kans groot dat deze kinderen vaker op tijd komen als ze ouder zijn. Ze zijn immers al gewend om te ‘plannen’ en zich aan opgestelde schema’s te houden.

Oudere kinderen

De belangrijkste les op deze leeftijd is: niet uitstellen. Leer je kind aan om de avond van tevoren bijvoorbeeld alvast de sportkleding klaar te leggen die de volgende dag mee naar school moet. En wellicht kan hij ook alvast kleding klaarleggen die hij die dag naar school aan wil.

Voorbereidingen treffen waar dat kan, leert een kind om planmatig met situaties om te gaan. Eventueel kan een weekschema dat je aan de muur hangt helpen om je kind te ondersteunen bij de voorbereidingen die getroffen kunnen worden. Je kind ziet wat er de volgende dag voor activiteiten plaatsvinden en kan hier de middag of avond ervoor alvast op inspelen.

Tip 3: afmaken waar je mee bezig bent

Kleine kinderen

Leer kinderen van jongs af aan dat je afmaakt waar je aan begonnen bent. Dit betekent data ls jullie een boekje lezen, je niet na twee bladzijdes weer aan een ander boekje begint. Het eerste boekje was nu eenmaal gekozen, dus dat boekje wordt eerst in zijn geheel gelezen.

Speelt je kind met een autootje en wil hij eigenlijk liever gaan puzzelen? Dat kan, maar eerst zal hij de auto op moeten ruimen, zodat het ‘spelen met de auto’ wordt afgerond. Daarna is er letterlijk weer plaats voor een nieuwe activiteit en kan de puzzel gepakt worden om mee te spelen. Op deze manier kun je kinderen leren organiseren en scheelt jou dat ook meteen speelgoed opruimen.

Uiteraard is het prima om grote projecten, zoals een bouwsel van legostenen, wel een tijdje in de kamer te laten staan. Hier kan je kind steeds aan verder werken, wat de creativiteit stimuleert. Ook leert je kind op deze manier omgaan met langetermijnprojecten.

Oudere kinderen

Oudere kinderen worden snel afgeleid, met name door mobieltjes, tablets en computers. Het is tegenwoordig dus een grote uitdaging om huiswerk en andere projecten af te ronden.

Het is jouw taak om regels op te stellen omtrent het gebruik van alle technologische apparatuur. Wijs bijvoorbeeld tech-vrije zones aan in huis en zorg ervoor dat tieners een rustige plek hebben waar ze hun huiswerk kunnen maken.

En vergeet niet: practice what you preach – zet ook jouw mobiele apparaten uit of op ‘stil’ op de momenten waarop jouw tiener zijn apparaten uit moet schakelen. Als iedereen zich aan de regels houdt, zal de kinderen leren organiseren beter verlopen en zullen jullie sneller resultaat boeken!